Dit is één van de meest voorkomende cliché’s. Het is een zeer ironisch cliché, aangezien het achterliggende idee in feite haaks staat op wat een (meer) veganistische levensstijl betekent. Een veganist wil namelijk voorkomen dat de basisbehoeften van voelende wezens worden geschaad om te voldoen aan eigen luxe-behoeften. Het begrip “voelende wezens” is daarbij even goed van toepassing op andere mensen. Voor een veganist gaan basisbehoeften dus voor op luxe-behoeften, ongeacht het wezen dat die behoeften ondervindt. Dit uitgangspunt is volledig tegenovergesteld aan de arrogantie die in dit cliché aan veganisten wordt toegeschreven. Dit sluit uiteraard niet uit dat veganisten zich arrogant kunnen gedragen of hun gedrag op die manier kan worden geïnterpreteerd. Net zoals mensen die er andere ethische opvattingen of levenswijzen op na houden. Ook veganisten zijn niet onfeilbaar, maar arrogantie toeschrijven aan een hele groep mensen is in feite denigrerend voor elke persoon die zich associeert met die groep.